Doelen:
-
Je bent je bewust van de verschillende
soort oudergesprekken.
-
Je doet ervaring op met de toevallige
oudergesprekken en de geplande 10-minutengesprekken in je stagegroep.
-
Je observeert de gespreksvaardigheden LSD
(Luisteren, Samenvatten, Doorvragen).
Observatie
toevallige oudergesprekken:
Moeder leerling H. vraagt naar extra
mogelijkheden voor lezen.
·
Wat heb je gezien/gehoord?
Moeder vraagt naar de mogelijkheden voor het
lezen. De juf geeft kort antwoord over de materialen waar de leerlingen mee aan
de slag kunnen gaan. Als leerling H. er aan toe lijkt te zijn, kunnen deze
materialen meer worden benadrukt voor hem.
·
Wat viel je op?
Moeder spreekt de juf aan over een individuele
vraag vijf minuten voor het starten van de les. Juf geeft daarom kort antwoord,
maar wel even voldoende voor de moeder.
·
Wat deed de leerkracht goed?
De juf laat merken dat er nu niet genoeg tijd is
om er uitgebreid over te spreken, maar geeft wel genoeg duidelijkheid aan de
ouder zodat die even tevreden is.
·
Wat zou jij anders doen?
Ik zou de ouder vragen om na schooltijd nog even
terug te komen. Dan is er meer tijd en kan ik de moeder ook wat mogelijkheden
laten zien. Daarnaast kan ik dan meer vragen aan de moeder, want voor ons was
het best een verrassing dat moeder met deze vraag naar ons toe kwam. Hoe
gedraagt de leerling zich dan thuis en wat kan er thuis worden aangeboden?
Moeder E. vraagt aan de juf hoe het met haar
gaat.
·
Wat heb je gezien/gehoord?
Een gezellig kletspraatje tussen een ouder en de
juf. De juf staat even op de gang de laatste spulletjes te kopiëren en de
moeder vraagt kort hoe het met haar gaat.
·
Wat viel je op?
Dat de ouder even vraagt naar het welzijn van de
juf vond ik wel heel leuk. Voor veel ouders gaat het praten met een juf toch
bijna altijd over hun kind of het presteren van het kind. Nu werd het gesprek
even gericht op de docent.
·
Wat deed de leerkracht goed?
Ze was open en authentiek. Ik denk dat de ouder
daardoor het nog eens aan haar zou vragen. Het werd een gezellig praatje.
·
Wat zou jij anders doen?
Niets. Er werd namelijk ook teruggevraagd hoe
het bij de ouder ging en dat vind ik belangrijk, om ook interesse in haar/hen
te tonen.
Moeder S. vraagt naar de vorderingen van haar
dochter.
·
Wat heb je gezien/gehoord?
Moeder S. vraagt naar de vorderingen van haar
dochter, die sinds kort op school zit en die Portugees spreekt. De juf vertelt
haar dat er gisteren in de klas een akkefietje is voorgevallen met S. Die wilde
niet naar de docent luisteren (is voor haar ook lastig) en werd opstandig. De
juf vertelt wat ze met S. heeft gedaan en dat ze het lastig vindt om haar op de
juiste manier toe te spreken, omdat ze geen goed contact met S. kan maken.
·
Wat viel je op?
De moeder reageerde vrij heftig op de situatie
en haalde S. terug naar de gang om haar toe te spreken. Dat was vrij
indrukwekkend en niet helemaal zachtaardig.
·
Wat deed de leerkracht goed?
De juf stelde zich heel open op door ook te
vertellen dat ze nog niet de juiste manier had gevonden. Zo liet ze de moeder
ook toe in het gesprek.
·
Wat zou jij anders doen?
Ik zou niet op de gang die bespreken, maar de
moeder na schooltijd even vragen terug te komen in de klas om even wat zaken te
bespreken. Het is erg lastig om met S. om te gaan, omdat van beide kanten niet
alles wordt begrepen. Hoewel dat steeds beter gaat, vallen er regelmatig dit
soort situaties voor. Ook zou ik de vorderingen van S. niet alleen bespreken
rondom dit voorval. Ik zou ook de positieve zaken benoemen, die miste ik een
beetje.
Observatie
10-minutengesprekken:
·
Hoe had de mentor zich op de gesprekken
voorbereid?
Er is weinig voorbereiding op papier. Door een
nieuwe vorm van 10-minutengesprekken moeten ouders met vragen komen en is het
dus geen praatje van de docent. Het gesprek is zo op verzoek van de ouders en
zij moeten met vragen komen.
·
Hoe verliep de organisatie?
Van tevoren hing er een intekenlijst op het
prikbord en konden ouders zelf een tijd kiezen waarop zij langs konden komen.
De docenten zijn strak in de tijd, wat wel nodig is. Echter zijn er twee keer
ouders niet komen opdagen. Een van de docenten zit met een laptop voor zich
waarop het OVM te zien is. Hierin wordt direct verslag gelegd van het gesprek
met de ouders en de opvallende zaken en afspraken hierbij.
·
Wat deed de mentor goed?
De mentor was heel open, begon steeds positief
en benoemde ook de ‘problemen’ die zij voorzag. Het direct maken van een
verslag lijkt me praktisch, maar daarvoor heb je wel twee docenten nodig.
·
Wat zou je zelf anders doen?
Ik zou nooit voor deze organisatievorm kiezen.
Hoewel ik het best leuk vind dat de ouders met vragen komen, is de vorm zo
nieuw dat zij bijna allemaal hebben gevraagd om het welzijn van het kind en ‘hoe
doet hij/zij het’: de algemene vragen die de juf normaal sowieso behandeld zou
hebben. Daarnaast zou ik zelf graag meer voorbereiding willen hebben/doen. Ik
zou het heel vervelend vinden als ouders met vragen komen waarop je geen
antwoord hebt. Wel kan er dan een afspraak worden gemaakt voor een later,
uitgebreider gesprek.
·
Welke vragen kwamen bij je op?
Hoe kun je
die tijd strak houden?
Antwoord mentor: zorg dat het duidelijk is dat er slechts tien
minuten zijn, dat je een klok in het oog houdt, dat je er op een gegeven moment
een eind aan breit.
Hoe breed moet je zijn
voorbereid, zeker wanneer de ouders met vragen komen, heb je daar geen grens
aan?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten